Hartfalen

Hartfalen

Wat is hartfalen?

Het hart is een holle spier die als pomp functioneert en de verschillende organen van het lichaam van bloed, zuurstof en voedingsstoffen voorziet. In geval van hartfalen is het hart niet in staat om voldoende bloed rond te pompen om aan de noden van het lichaam te voldoen.

Als de linkerhelft van uw hart onvoldoende pompt, verhoogt de druk op de longbloedvaten en kan er vochtopstapeling in de longen ontstaan, met kortademigheid tot gevolg. De toestand kan ook acuut verergeren en dan spreekt men van longoedeem of water op de longen.

Indien de rechterhelft van uw hart onvoldoende pompt, kan er eveneens vochtophoping optreden. In dit geval voornamelijk ter hoogte van buik, benen en voeten. Meestal is er tegelijkertijd een probleem ter hoogte van beide harthelften en is er een combinatie van symptomen te zien.

Welke klachten kan je ervaren?

  • Kortademigheid
  • Opgezette voeten of benen
  • Chronisch gebrek aan energie
  • Slaapproblemen doordat ademhalen moeite kost
  • Hoesten waarbij schuimig sputum wort opgegeven
  • Opgezette of gevoelige buik met gebrek aan eetlust
  • ’s nachts vaak moeten plassen
  • Verwardheid en/of geheugenstoornissen

De oorzaken van hartfalen

Hartfalen ontstaat nadat het hart een beschadiging opliep of langdurig overbelast werd. Als het hart onvoldoende presteert probeert het lichaam dit op te vangen door meer vocht bij te houden en door via bepaalde hormonen het hart extra te stimuleren. Op deze manier kan het lichaam het probleem op korte termijn oplossen. Op lange termijn geraakt het hart door de vochtophoping en de extra stimulatie echter nog meer beschadigd.

Enkele voorbeelden waarbij dit kan optreden:

  • Hartinfarct:

De hartspier kan bij een hartinfarct op die plaats beschadigd worden en daar zijn pompkracht verliezen

  • Hoge bloeddruk:

Als de hartspier langdurig tegen een te hoge weerstand moet pompen, verdikt ze in eerste instantie, daarna wordt de hartspier stijver en kan hartfalen ontstaan

  • Hartklepproblematiek:

Lekkende of juist ernstig vernauwde hartkleppen

  • Hartritmestoornissen:

Een te snel of een te traag ritme kan aanleiding geven tot hartfalen

  • Aantasting van de hartspier:

Dit kan gebeuren door chemotherapie, overmatig alcoholgebruik, zware infecties en giftige stoffen.

 

  • Longziekten, een verstoorde schildklierwerking of bloedarmoede:

Kunnen ook lijden tot overbelasting van het hart

Onderzoeken

  • Bloedonderzoek
  • Elektrocardiogram (ECG)
  • Röntgenonderzoek van hart en longen (thoraxfoto)
  • Echocardiografie
  • Cardiale MRI (Magnetic Resonance Imaging)
  • Inspanningsproef of fietsproef met ergospirometrie
  • Hartkatheterisatie
  • Holter

Behandeling

Hartfalen is een chronische aandoening. Dit betekent dat hartfalen meestal niet volledig verdwijnt, maar dankzij goede behandeling kan het hart wel ondersteund worden en kunnen de symptomen en klachten verbeterd worden. De behandeling bestaat enerzijds uit het behandelen van de oorzaken van het hartfalen, en anderzijds uit ondersteunen van het verzwakte hart. Dit kan onder andere door zieke hartkleppen te vervangen, kransslagadervernauwingen te behandelen (met stents, of soms een plaatsen van “overbruggingen” via een hartoperatie). Vaak wordt er ook een combinatie van medicamenten opgestart om het hart te ondersteunen. Naast deze ingrepen en medicamenten zijn er ook een aantal aanpassingen in de levensstijl die zeer belangrijk zijn.

Een goede behandeling zorgt voor een betere levenskwaliteit, een kleinere kans op verergering van de ziekte en minder risico op heropname in het ziekenhuis. Om u hierbij zo goed mogelijk te helpen, staan uw huisarts, uw mantelzorger, uw hartfalenverpleegkundige, uw cardioloog en de thuiszorg ter beschikking.

1.      Wat kan u doen?
  • Zoutarm eten (niet noodzakelijk volledig zoutloos)
  • Niet teveel vocht innemen, maar ook niet te weinig (+- 1,5L per dag)
  • Overgewicht voorkomen, of in geval van overgewicht vermageren
  • Uw medicatie dagelijks stipt innemen
  • U dagelijks wegen en plotse gewichtsveranderingen melden. Toename van
  • het gewicht wijst immers vaak op vochtopstapeling
  • Uw bloeddruk regelmatig meten indien u over een bloeddrukmeter beschikt
  • Voldoende lichaamsbeweging
  • Stoppen met roken en alcohol beperken tot maximaal 1 glas per dag
2.      Wat doet de hartfalenverpleegkundige?
  • Ze is uw aanspreekpunt voor het melden van problemen of het geven van informatie
  • Tijdens de ziekenhuisopname informeert de hartfalenverpleegkundige u over uw ziekte en de behandeling ervan
  • Ze overlegt met uw arts over uw behandeling en opvolging
3.      Medicatie

Geneesmiddelen ondersteunen het verzwakte hart en zorgen ervoor dat u minder last hebt van vochtopstapeling, vermoeidheid en kortademigheid. Het is meestal noodzakelijk om een combinatie van geneesmiddelen in te nemen.

De voornaamste geneesmiddelen worden hier kort op een rijtje gezet.

  • ACE-remmers: Verlagen de bloeddruk door de bloedvaten te verwijden. Diuretica: (plaspillen, waterafdrijvers). Ze zorgen ervoor dat u via de nieren meer vocht afdrijft.
  • Bètablokkers: Vertragen de hartslag.
  • Sartanen: Ze verlagen net als ACE-remmers de bloeddruk en remmen een aantal minder gunstige neurohormonale aanpassingen bij hartfalen
  • Aldosterone-antagonisten: Werken licht vochtafdrijvend, doch werken ook vooral door het remmen van de negatieve hormonale aanpassingen bij hartfalen
  • Entresto: Bestaat uit een combinatie van 2 medicamenten. Enerzijds uit Valsartan, een sartaan, waarvan de werking hierboven beschreven staat. Bijkomend werd er nog Sacubitril toegevoegd, een nieuwe generatie van hartfalenmedicamenten. Entresto is een van de krachtigste medicamenten in het hartfalen-arsenaal
  • Procoralan: vertraagt net zoals betablokkers de hartslag, waardoor het hart minder zuurstof nodig heeft en de pompkracht verbetert.
  • Digitalis-preparaten: Vergroten de kracht waarmee het hart samentrekt en vertragen het hartritme
  • Statines: Deze medicatie verlaagt het cholesterolgehalte en beschermt hierdoor de bloedvaten
  • Amiodarone: Is een geneesmiddel dat gebruikt wordt om potentieel levensgevaarlijke ritmestoornissen te behandelen
  • Anticoagulantia/bloedverdunners: Worden gebruikt om klontervorming te voorkomen.
  • Bloedplaatjesaggregatieremmers: Voorkomen de vorming van bloedklonters door het samenkleven van de bloedplaatjes te vertragen en worden vooral gebruikt na stentplaatsing of een hartinfarct
  • Pijnstillers op basis van paracetamol, Algostase®, Panadol®, Perdolan® en Dafalgan® (geen bruistabletten) zijn toegelaten

Aandachtspunten bij medicatie

  • Bruistabletten bevatten veel zout en zijn daarom niet aangeraden
  • Neem uw medicatie in zoals voorgeschreven door uw arts
  • Neem uw medicatie steeds op hetzelfde tijdstip van de dag in
  • Stop nooit uw medicatie zonder overleg met uw arts
  • Gebruik een medicatiedoos voor één week (te verkrijgen in uw apotheek)

Bijkomende aandachtspunten

  • Zoutbeperking: Max 2-3 gram per dag.
  • Vochtbeperking: Max 1,5 liter (1500 ml) vocht per dag.
  • Dagelijks wegen: op een vast moment van de dag, bij voorkeur ’s ochtends.
  • Stoppen met roken